myStromer_Label_RotY_2020_Netherlands_RZ@2x.png

Elektrische fiets en speed-pedelec: zoek de 7 verschillen

Deel dit:

++ Elektrische fiets, speed-pedelec, allemaal hetzelfde verhaal, toch? Niet helemaal. Natuurlijk hebben elektrische fietsen en speed-pedelecs overeenkomsten. Het zijn allebei fietsen met elektrische ondersteuning, maar er zijn ook veel verschillen. In deze blog vertellen we je precies hoe het zit. --

1. Vermogen

Het eerste verschil tussen een elektrische fiets en een speed-pedelec is het vermogen. Een elektrische fiets of e-bike, net hoe je het noemen wilt, heeft een motorvermogen van maximaal 250 Watt. Daarnaast mag hij 25 km/h, met een wettelijke afwijking van 10%. Dus zie je een fiets die harder rijdt dan 27,5 km/h? Dan heet het geen elektrische fiets meer, maar een speed-pedelec. De meeste speed-pedelecs van Bosch hebben een motorvermogen van 350 Watt. Die tikken maximaal de 38 km/h aan. Dat rijdt natuurlijk prima. Maar het kan sneller. Met een achterwielmotor van Stromer rij je makkelijk 43 km/h met een ST1. Met een ST2, ST3, of ST5 ga je zelfs richting de 48 km/h. Het motorvermogen van Stromer zit op 670 tot 850 Watt. Dat zijn de sterkere motoren.

2. Comfort

Verschil twee is het comfort. Hoe sneller de fiets gaat, hoe belangrijker comfort wordt. Een boomworteltje in het asfalt komt veel intenser over. Om dat op te vangen, gebruiken fabrikanten van speed-pedelecs bredere banden. Daardoor kun je met de luchtdruk de β€˜klappen’ wat beter opvangen. Stromer produceert hun eigen banden, die van tevoren intensief getest worden. Het is belangrijk om maximaal contact met de weg te houden. Je gaat natuurlijk hard, dus je moet ook hard kunnen remmen of goed kunnen sturen.

Voor nog meer comfort heeft de Stromer een geveerde voorvork en een geveerde zadelpen. Dat zorgt voor een stabiele, rustige en veilige ligging op de weg. Het vergroot het gevoel van contact met de weg. Veren voor speed-pedelecs zijn speciaal daarvoor ontworpen. Ze zijn in te stellen zijn op het berijdersgewicht en ze werken met luchtdemping. Anders dan met de elektrische fiets, waar meestal spiraalveren voor worden gebruikt.

3. Frame

Het derde verschil tussen elektrische fietsen en speed-pedelecs is het frame. Als je met een volgeladen damesfiets met kinderzitje voorop door de bocht gaat, merk je dat het frame een beetje gaat wiebelen. Als je met je elektrische fiets met meer dan 40 km/h van een heuvel afrijdt, gaat hij zwabberen. Je voelt je minder veilig: gaat die fiets het wel houden en kom ik op tijd tot stilstand als ik rem? Dat is met de oversized framebuizen van de Stromer speed-pedelec in combinatie met betere remmen helemaal voorbij. Als je daarmee 60 km/h van de bult afrijdt, heb je nog steeds het gevoel dat je controle over de fiets hebt. Je hebt altijd controle over de fiets en dat voel je.

4. Houding

Verschil vier is de fietshouding. Bij een speed-pedelec zit je vaak wat sportiever op de fiets. Sommige mensen schrikt dat af. Maar je moet je bedenken dat je met 45 km/h een hoop tegenwind hebt. De wind blaast je vanzelf een beetje rechtop en dat maakt het alweer wat comfortabeler. En als je echt rechtop zit en je fietst heel hard, dan pak je veel wind. Je automatische neiging is om wat meer naar voren te gaan. Dat kost de motor minder energie en je β€˜wappert’ niet zo in de wind. Bij een elektrische fiets zit je gewoon rechtop. Dat gaat zo makkelijk, dat de meeste mensen erop zitten alsof ze op een omafiets rijden. Bij speed-pedelecs mag het ook wel iets sportiever zijn.

5. Verlichting

Het vijfde verschil tussen een elektrische fiets en een speed-pedelec is de verlichting. Er zit veel meer verlichting op een speed-pedelec dan op een gewone e-bike. De koplamp heeft meer lichtopbrengst. Als jij 45 km/h door het donker heen rijdt, zie je niks met een peertje. Met een goede lichtbundel zie je wel goed. Er zitten remlichten op, zodat je achterlichten goed zichtbaar zijn. Ook heeft de speed-pedelec kentekenplaatverlichting. Je gaat meer richting een scooter. Een speed-pedelec moet voldoen aan dezelfde regels als een scooter.

6. Regels

Verschil 6 is de regels. Zodra een fiets harder gaat dan 25 km/h of meer vermogen heeft dan 250 Watt, valt hij onder de regels van een speed-pedelec. Zoals gezegd zijn dat dezelfde regels als die van een scooter. Dus: helm op, niet meer op het fietspad, gele kentekenplaat, spiegel op je fiets, oranje reflectie aan je voorvork. Dat is even wennen en uitzoeken. In sommige gemeenten in bijvoorbeeld Gelderland mag je met een speed-pedelec wel op een fietspad. In zo’n geval zie je een wit onderbord waarop staat: speed-pedelec toegestaan. Is er een bromfietspad, dan ben je verplicht om daar gebruik van te maken. Een bromfietspad herken je aan een verkeersbord met een fietser en een brommer.

7. Rijbaan

Bij verschil 6 namen we alvast een voorschot op verschil 7. Want het zevende verschil is de plek op de weg: de rijbaan. Voelt dat nog onprettig? Pak dan een B-weg met rode stroken ernaast. Daar kun je ook op de rode strook gaan rijden als je niet per se 45 km/h wil. En als je op een tweebaansweg rijdt met verkeer dat 60 km/h rijdt, voelt dat natuurlijk ook niet heel erg veilig. Kijk dan naar een route die lekker rijdt. Pak niet de route met veel verkeerslichten. Je kunt beter 1,5 kilometer omfietsen en soepel doorrijden dan dat je jezelf elke keer ergens tussen moet proppen.

Nu weet je wat de grootste verschillen tussen een elektrische fiets en een speed-pedelec zijn. Wat ga jij voor? Wij zouden het wel weten. En als jij het ook weet, kom dan vooral eens testrijden. We hebben altijd koffie.

ST3_Lifestyle3_0-67351.jpg